Bestuur

 

Het bestuur van Gouda staat onder leiding van het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Gouda. Het College legt verantwoording af aan de Gemeenteraad. De verschillende politieke partijen hebben op basis van het aantal stemmen, een bepaald aantal zetels in de Gemeenteraad. De gemeente Gouda is actief op internationaal gebied. Gouda heeft verschillende relaties met steden.

GBG wil op het volgende inzetten:

Bestuur van Gouda

  • Dagelijks Bestuur van de stad (wethouders) dient te bestaan uit professionals met kennis van zaken maar ook managerial kundig zijn.
  • Een max. aantal wethouders van 3 (bv. “5 voor de prijs van 3” kan ook)
  • Meer richten op eigen identiteit van onze stad.
  • De gemeente moet veel meer dan in het verleden tijdig de bewoners en ondernemers informeren wat er staat te gebeuren in hun omgeving en eventuele plannen ontwikkelen in overleg met de bewoners. Wijkteams kunnen hierin een grote rol spelen.
  • De komende jaren zal ‘inspreken’ moeten wijzigen in ‘vooraf meepraten’. Betrokkenheid van de inwoners bij het bestuur van de gemeente
    betekent voor GBG dat direct belanghebbenden op een zodanig tijdstip bij de voorbereiding van beleidsplannen worden betrokken dat er nog
    voldoende ruimte is voor eventuele bijstelling ervan.
  • Door middel van een adviserende volksraadpleging peilt het gemeentebestuur het gevoelen van de Goudse gemeenschap alvorens beslissingen te nemen over kwesties die in financiële zin of aan de andere kant grote gevolgen hebben voor de Goudse gemeenschap en waar
    inwoners zich bij de gemeenteraadsverkiezingen nog niet hebben kunnen uitspreken.
  • Bij een investering in de stad van meer dan 500.000,- wordt digitaal de mening gevraagd van de inwoners van Gouda.

 

Samenwerking

Regionaal

  • Regionale samenwerking wordt intensief ondersteund daar waar de belangen van Gouda er mee worden gediend.
    Uitgangspunt van de samenwerking dient wel te zijn; verbetering van de efficiency, verbreding van kennis en slagkracht en
    besparing van gemeentelijke kosten.
  • Samenwerking dient mede gericht te zijn op het inrichten van een zgn. Shared Service bureau waarbij kennis en uitvoering van beleid gezamenlijk wordt opgepakt tegen lagere kosten.
  • Regionale samenwerking neemt de verantwoordelijkheid voor
    beleidsbepalende beslissing van de gemeente Gouda niet over.

 

Internationaal

  • Gouda moet zeer terughoudend zijn in het aangaan van banden met steden. Internationale werkbezoeken door bestuurders dienen tot een
    minimum te worden beperkt. Banden die worden aangegaan hebben directe invloed op onze Goudse economie.
  • GBG is tegen het verlenen van ontwikkelingshulp door de gemeente. Dit is duur en dient te worden overgelaten aan de landelijke overheid.
    Gouda kan beter zelf zorgen dat het haar zaakjes op orde heeft.

 

Gemeentelijke financiën 

 

Het is noodzakelijk dat Gouda haar zaken financieel op orde heeft. In het verleden is er te gemakkelijk geld uitgegeven aan allerlei projecten die naar later bleek niet haalbaar waren of in sterk gewijzigde vorm uitgevoerd moesten worden. Voorbeelden van deze projecten zijn de Spoorzone en Westergouwe. Dit moet anders. Gouda dient zorgvuldig met gemeenschapsgeld om te gaan.

Dit is ondermeer te bereiken door:

  • Gouda moet fors gaan bezuinigen op externe onderzoek bureaus en inhuur.
  • De personele bezetting van de gemeente dient te worden teruggebracht in het kader van het proces van decentralisatie, regionalisatie (de nieuwe regio) en het toepassen van het ‘Laatmodel’.
  • Gouda moet samen met andere gemeentes steviger bij het Rijk er op aandringen, dat onze stad meer middelen nodig heeft, voor onderhoud
    van de openbare ruimte vanwege de slappe bodem.
  • Gouda moet zorgen voor een solide financiële huishouding, hierbij is van belang dat het weerstandsvermogen spoedig weer aan de, voor Gouda , bestaande norm voldoet. Eenmalige financiële meevallers moeten aan het weerstandsvermogen van de gemeente toegevoegd worden.
  • Bij het doen van nieuwe uitgaven (investeringen) moet duidelijk inzicht worden gegeven in de daaruit voortvloeiende kapitaal- en exploitatielasten voor de toekomst.
  • De meerjarenbegroting moet een overzicht bevatten van de financiële ruimte voor nieuw beleid in de komende jaren. Daar waar nodig zal er
    geld gevonden moeten worden binnen de begroting en niet bij de burger.
  • Gelet op de stijgende lasten voor inwoners, veroorzaakt door m.n. maatregelen van de Rijksoverheid, wordt de WOZ bijdrage van de
    inwoners de komende vier jaar met tien procent teruggebracht. Dekking voor deze verlaging zal de komende vier jaar worden gevonden in de
    personele kosten en externe inhuur.

 

 < Ga terug naar onze standpunten

 

Chat openen
1
Hallo, kan ik u ergens mee helpen? - Jan de Koning | Fractievoorzitter GBG